
Paprika
Paprika behoort tot de familie van de nachtschaden en is een vruchtgewas, net als aubergines en tomaten. Het komt uit de tropische en subtropische streken van Midden- en Zuid-Amerika en werd door de Turken naar Hongarije gebracht waar hij algauw tot de nationale teelt uitgroeide. In West-Europa was vooral de scherpe peper bekend, als siergewas en kruiderij. De grote doorbraak van de zoete paprika gebeurde pas in 1967 en 1970. Het belang van de glasteelt is in Nederland en in mindere mate in België ondertussen vrij groot geworden.
De verschillende benamingen zoals paprika, peper (geen verwantschap met echte ‘zwarte peper’) en Spaanse peper zorgen weliswaar voor verwarring. De eerste soort (paprika) wordt steeds als zoet en zacht betiteld, terwijl de tweede soort als heet, scherp of pikant wordt beschouwd. Plantkundig gezien gaat het wel om dezelfde plant. De eerste soort heeft grotere vruchten, smaakt zoeter en kan als gekookte, gestoofde of rauwe groente worden gebruikt. De zaden zijn wel wat pikant van smaak en worden samen met de zaadlijsten verwijderd. De tweede soort heeft kleine vruchten die bij rijpheid erg pikant worden.
Paprika’s zijn er in geblokte vorm en in puntvorm. De kleuren zijn zeer divers. Onrijp zijn ze groen, en later rood, oranje, geel, paars of wit. De paarse paprika’s zijn ook in onrijp stadium paars. De kleur en de vorm van de vrucht zeggen iets over de smaak. Van de geblokte paprika’s hebben de groene een verse, ietwat rauwe smaak. Rode paprika’s zijn helemaal gerijpt en zoeter. Gele en oranje paprika’s smaken iets minder zoet dan de rode. De paarse ruiken als de groene en worden bij het koken groen. De witte zijn vrij zacht van smaak.
Puntpaprika’s zijn vrij nieuw bij ons. Ze zijn smal en ongeveer twintig centimeter lang. Ze smaken zoet.
Pepers zijn veel kleiner dan paprika’s en langwerpig. Hoe kleiner en puntiger de vorm en hoe dunner het schilletje, hoe heter de peper. De bekendste pepersoorten zijn rode en groene pepers. Kleiner en met een scherpe smaak is de cayennepeper. Chilipeper is een klein, puntig en koperkleurig pepertje dat vaak in zijn geheel wordt gedroogd of verwerkt tot poeder. Rawits zijn kleine, dunne en zeer hete pepertjes. De Spaanse peper is vrij groot en heeft de minst scherpe smaak.
Paprika is een warmteminnend gewas en dit gedurende de hele groeiperiode. De vruchten worden geoogst in de zomer of het najaar; zelfs op warmte is het lastig om ze in de winter te kweken. Ze zijn makkelijk om te kweken, maar buiten doen ze het alleen goed in een warme, droge zomer. Paprika’s kunnen groen of rood geplukt worden, maar groen geplukt komen ze niet tijdig meer op kleur. Ze zijn verkrijgbaar vanaf juli (groene) tot en met september (rode); in oktober is het alweer afgelopen.
Hoe bewaren?
Paprika is een uitgesproken warmteminnende plant, ze verdraagt slecht temperaturen beneden de 10° Celsius en bevriest bij de minste vorst. Ze kan daarom alleen in warme streken in de volle grond worden geteeld. Bewaar om deze reden paprika’s nooit in de koelkast maar op een koele plaats van 10-12° Celsius (7 dagen houdbaar), bij een lage temperatuur bestaat de kans dat de paprika gaat rotten.
Door paprika’s te verpakken, bescherm je ze tegen uitdroging. In netverpakking droogt de paprika sneller uit, maar de kans op rotten is kleiner dan in andere verpakkingen. Rotting breidt zich snel uit van de steeltjes tot in de vrucht. Steeltjes bijsnijden en koelen beperken rotting. Wil je paprika’s langer bewaren dan kun je ze drogen, invriezen, inleggen of er pickles van maken. Drogen kun je doen door ze in reepjes aan een draad te rijgen en op te hangen.
Net zoals er verschil is in kleur, is er een verschil in voedingswaarde tussen de verschillende paprika’s. Rijpe, rode paprika’s behoren tot de rijkste carotenoïdebronnen die we hebben. Bètacaroteen is de voorloper van vitamine A en wordt met behulp van een beetje vetstof in de bereiding gemakkelijker opgenomen in ons lichaam.
Daarnaast bevatten rode en gele paprika’s meer vitamine C (indien rauw gegeten) dan groene paprika’s. Verder bevatten ze weinig calorieën, zijn ze rijk aan vezels en ijzer en bevatten ze een grote hoeveelheid pectine. Dat zorgt ervoor dat – van zodra ze gaar en gepureerd zijn – de saus of soep in een dikke, gladde consistentie veranderd.
Paprika’s kunnen rauw als salade worden gegeten, maar ook gekookt, gebakken of geconserveerd zijn ze heerlijk. Door de kleur zijn ze zeer decoratief. Je kunt paprika’s grillen, de schil eraf halen en ze in allerlei recepten gebruiken.
Paprikapoeder wordt gemaakt van gedroogde en gemalen paprika’s waarvan de pitten zijn verwijderd. Dit zijn niet de bekende blokvormige rode paprika’s, maar de puntvormige soorten die hun smaak alleen goed ontwikkelen in een vrij warm klimaat.
Ontdek heerlijke recepten

De seizoenskalender van Velt bestaat ook als handige download. Ideaal om in je keuken op te hangen of in de boodschappenmand mee te nemen.

Ecologisch kokerellen doe je samen met Velt
Bij Velt blijft geen enkele ecokok op zijn/haar honger zitten. Als lid van Velt:
- ontvang je het tijdschrift Seizoenen bomvol kooktips,
- volg je kookworkshops met korting,
- koop je onze kookboeken met voordeel