Een recept uit de aflevering Keukenpraatjes: lekker lokaal.
Voor 10 arancini:
- 150 g ongekookte of 400 gr gekookte gierst
- 150 g kastanjechampignons
- 1 teen geraspte look
- 1 tl citroensap
- paar blaadjes salie
- 250 ml groentebouillon
- 100 g geraspte kaas
- 200 g zachte kaas in blokjes
- 100 g paneermeel
- snuifje nootmuskaat
- peper en zout
- sesamolie
Voor de dip:
- 2 el mosterd
- 4 el zure room
- handvol verse tuinkruiden zoals bieslook, dragon en peterselie
- half sjalotje
Zet de gierst in de bouillon op het vuur in een afgesloten kookpot. Breng aan de kook. Zet dan het vuur laag en laat in 30 minuten gaar koken (of tot al de bouillon is opgenomen). Doe de gierst in een kom en laat afkoelen.
Snijd de salie fijn. Snijd de champignons in stukjes en bak met de look en salie in de olijfolie. Blus met citroensap en smaak af met peper en zout. Laat afkoelen. Voeg de kaas en de champignons toe aan de gierst en zet er een paar keer kort de staafmixer in zodat je een kleverige textuur krijgt. Breng op smaak met peper en zout. Maak met vochtige handen balletjes van het gierstmengsel. Maak een gaatje in het midden van elk balletje en duw daar een stukje kaas in. Maak weer dicht en rol weer mooi rond. Strooi paneermeel in een bord en rol de balletjes door het paneermeel.
Laat een pan goed heet worden en bak de balletjes langs alle kanten goudbruin. Je kan ze ook frituren.
Meng alle ingrediënten voor de dip. Smaak af met peper en zout. Dippen maar!

Ecologisch kokerellen doe je samen met Velt
Bij Velt blijft geen enkele ecokok op zijn/haar honger zitten. Als lid van Velt:
- ontvang je het tijdschrift Seizoenen bomvol kooktips,
- volg je kookworkshops met korting,
- koop je onze kookboeken met voordeel