Fruitbomen en -struiken kun je kopen, maar je kunt ook proberen om ze zelf te maken. Planten kun je ofwel generatief vermeerderen, uit zaad, ofwel vegetatief vermeerderen via verschillende technieken: afleggen, marcotteren, enten, stekken, occuleren,...

Planten uit zaad

Uit iedere pit of steen van een vrucht kan een boom groeien. Het probleem is dat de meeste fruitsoorten niet zaadvast zijn, hetgeen betekent dat de gezaaide planten sterk verschillen van de moederplant en vruchten van ongelijke kwaliteit leveren. Met andere woorden: je hebt geen garantie dat je lekkere vruchten kweekt. Toch zijn er enkele fruitbomen, zoals bepaalde perzikrassen, die tamelijk zaadvast zijn. Als je gemotiveerd bent, kun je het dus zeker uitproberen.

Wees je er echter van bewust dat zaailingen ten opzichte van geënte bomen veel krachtiger onderstammen maken en dus groter worden dan geënte bomen. Bovendien laat de fruitproductiefase van de boom wat langer op zich wachten.

Vegetatieve vermeerdering

Uitlopers afsteken

  • aardbeien, frambozen

De eenvoudigste methode van vegetatieve vermeerdering is wilde uitlopers of afleggers afsteken of uitgraven. Dit gaat bij planten die de neiging hebben om zich al kruipend of lopend te vermeerderen. Frambozen doen dit via worteluitlopers, aardbeien via hun stengels. Hiermee wandelen ze door het tuinperk en kunnen ze lastig worden. Door ze af te steken houd je de planten in toom en ontstaan er tegelijkertijd vermeerderingsplanten. Afsteken en uitgraven doe je het best in de herfst.

Stekken

  • bessenstruiken, vijg, kiwi

De stek, een stukje stengel met een aantal knoppen, stop je in de grond en dan gaat hij vanzelf wortels aanmaken. Het stukje stengel kun je aan de onderkant vooraf al dan niet behandelen met stekpoeder. Stekpoeder bestaat uit een basisstof (talk) waaraan plantenhormonen zijn toegevoegd. Stekken van de top van een boom leveren sterk verticaal groeiende individuen, terwijl stekken van de zijtakken trager groeiende, meer struikvormige groeivormen leveren. Dit fenomeen staat bekend als topofysis.

In de winter kun je aalbessen, zwarte bessen en druiven stekken. Van mei tot september kun je zomerstekken nemen van blauwbessen, vijg en kiwi.

Afleggen

  • Struiken met soepele takken: bramen, hazelnoten, frambozen
  • Planten die moeilijk te stekken zijn, bijv. sommige kruisbessen

Afleggen wil zeggen je een tak naar de grond duwt en bezwaart met aarde of zand. De tak maakt nieuwe wortels op de plaats waar hij de grond raakt. Om de wortelvorming te vergemakkelijken, kun je de tak op deze plaats wat afschrapen zodat het Cambium (groeiweefsel) de grond raakt.

Marcotteren

  • Als afleggen niet kan, omdat de plant geen lage takken heeft, bijvoorbeeld vijg

Je vertrekt van een dunne bovengrondse tak van een boom (1 à 1,5 cm doorsnede). De tak ontdoe je over een lengte van 30 cm van bladeren. Dan maak je een ondiepe snede schuin opwaarts in de stengel. In die snede plaats je een plukje mos, en eventueel stuif je er wat stekpoeder op. Vervolgens schuif je een plastic zak zonder bodem over de stengel. Je vult de zak met vochtige potgrond of mos en bindt hem om de stengel dicht. Als er wortels zichtbaar worden in de zak, kun je de tak los snijden en oppotten. Het voordeel van marcotteren is dat je meteen een vrij grote plant hebt.

Enten of occuleren

De meeste fruitbomen die je bij de kweker koopt zijn geënt. Om te enten plaats je een stukje of een ent van een bepaald fruitras op de onderstam van een ander fruitras. De twee delen zullen in elkaar vergroeien en vormen zo één nieuwe boom.

De voordelen van geënte planten ten opzichte van zaailingen:

  • Geënte planten behouden dezelfde karakteristieken als de moederplant.
  • Geënte planten leveren meer en sneller vruchten op.
  • De onderstam is geselecteerd op ziekteresistentie.
  • De boomvorm kan gemanipuleerd worden (zwakke onderstam voor kleine bomen).

Enten doe je in het voorjaar wanneer de sapstroom op gang komt. Je kunt verschillende technieken toepassen, afhankelijk van het fruitras. Onderaan deze pagina vind je specifieke literatuur hierover.

Enten is niet gemakkelijk: je moet heel nauwkeurig zijn en je hebt goed materiaal nodig. Om de kunst van het enten te leren, raden we je aan om eerst een cursus te volgen. Onderstammen kun je zelf opkweken, uit zaad of via afleggen, of kopen bij een specialist.

In plaats van een twijg kun je ook een oog van een fruitboom op een andere fruitboom enten. Dat noemen we occuleren. Het voordeel van oculeren ten opzichte van enten is dat de slaagkans groter is en je minder plantmateriaal nodig hebt. Occuleren kan alleen met bepaalde variëteiten.

Interessante boeken over dit thema

Image
Velt-samentuin Koudenborm
Activiteiten over dit thema

De Velt-groepen organiseren heel wat workshops, lezingen en andere activiteiten over koken, tuinieren en meer. We verzamelen ze voor jou in een handige activiteitenkalender met kaart.

Image
Zaaien
Vraag het de expert (exclusief voor leden)

Heb je nog een vraag over dit thema en ben je lid van Velt? Dan kun je te rade gaan bij een van de Velt-experten.

Image
Veelgestelde vragen

Leden van Velt weten meer

Voor kennis en praktische tips over ecologisch tuinieren en koken moet je bij Velt zijn.

Geniet van deze schat aan informatie.

Word lid van Velt

Sponsors

Abonneer je op onze nieuwsbrief