Keukenkruiden zijn omwille van hun smaak en geur geliefd in de keuken. Ze worden ‘kruiden’ genoemd omdat we ze gebruiken om gerechten op smaak te brengen.
Naast een lekkere smaak hebben ze vaak een mooie bloeiwijze of opvallend blad. Denk maar aan de hoge, groengele schermen van venkel of aan de bolvormige paarse bloemen van bieslook. Dit maakt keukenkruiden tot leuke planten voor een bloemenborder.
Mag je kruiden bij elkaar zetten?
Vaak staan keukenkruiden in een hoekje van de tuin of in een kruidenbak bij elkaar, zoals het bonenkruid naast de lavas. Ze lijken een logisch gezelschap te vormen omdat ze hetzelfde doel hebben: in een lekkere maaltijd belanden.
Maar is het zo’n goed idee om alle keukenkruiden bij elkaar te zetten? Als keukenkruiden op één plek bij elkaar staan – vaak een plek die rijkelijk is voorzien van compost – dan zullen een aantal planten het waarschijnlijk goed doen, maar andere planten zullen wegkwijnen. Niet alle planten zijn op dezelfde plaats gelukkig.
Een plant als rozemarijn (die houdt van een zonnige plek en een droge, stenige bodem) is moeilijk te combineren met bijvoorbeeld lavas, die schaduw wil en het liefst met zijn wortels in een frisse voedselrijke grond staat. Als je planten groepeert die om dezelfde standplaats vragen (bijvoorbeeld tijm, rozemarijn en lavendel) dan maak je een succesvol plantengezelschap.
Download de kruidenkalender
Nog enkele praktische tips
Welke keukenkruiden vormen een goed gezelschap? En hoe kun je keukenkruiden integreren in een bloemenborder? We maakten een selectie van keukenkruiden die lekker zijn in de keuken én die een meerwaarde geven aan de siertuin.
Het resultaat? Een b(l)oeiende siertuin die mooi, lekker en ecologisch is! We maken je graag wegwijs in wat de goede standplaats is van keukenkruiden en tonen welke keukenkruiden je kunt samenzetten en waarom. We delen ze in volgens hun successiestadium:
- Eenjarige keukenkruiden zoals rucola en koriander behoren tot de groep van de pioniersplanten; ze groeien, bloeien en zaaien zich uit in één seizoen. Je zet ze bij elkaar in een bloemenakker of in de moestuin, altijd in de zon. Jaarlijks moet je de bodem verstoren en opnieuw inzaaien. Andere eenjarigen voor in de zon zijn basilicum (zie afbeelding hieronder), bernagie, dille, goudsbloem, marjoraan, Oost-Indische kers.
- Een- of tweejarige keukenkruiden voor in halfschaduw en schaduw zijn minder talrijk. Hier zet je kervel en peterselie.
- Doorlevende keukenkruiden zoals bieslook (zie afbeelding hieronder) en munt horen tot de groep van de graslandplanten. Je zet ze bij elkaar in een lage bloemenborder. Deze planten zijn doorlevend en bloeien in mei-juni. Andere grasland-kruiden zijn duizendblad, kleine pimpernel, wilde marjolein en Franse dragon.
- Forsere keukenkruiden zoals lavas en venkel behoren tot de ruigteplanten. Je zet ze bij elkaar in een hoge bloemenborder. Deze planten bloeien in augustus. Andere ruigte-keukenkruiden zijn Grote engelwortel en mierikswortel.
- Doorlevende kruiden uit de bosrand zoals de daslook (zie afbeelding hieronder) zijn geschikt voor de (half-)schaduwborder. Ze houden van een humusrijke bodem. Andere bosrandkruiden zijn bosaardbeien, maarts viooltje, lievevrouwbedstro, roomse kervel. Ook pepermunt en citroenmelisse verdagen wat schaduw, maar deze kan je ook bij de graslandplanten zetten.
- De mediterrane keukenkruiden zoals tijm en rozemarijn zijn erg populair in de keuken. Ze komen uit een andere klimaat en geven de voorkeur aan volle zon en een arme, stenige bodem. Andere mediterrane kruiden zijn citroentijm, sinaasappeltijm, hysop, lavendel, salie.